Blog: Chiel van der Veen en Marjolein Dobber over het lerarentekort (reactie op het opiniestuk van Ewald Vervaet in Trouw)

Het lerarentekort los je niet op door later te beginnen: Reactie op het opiniestuk van Ewald Vervaet*

Het lerarentekort is in Nederland een groot probleem. Steeds meer kinderen, directeuren, leerkrachten en ouders zijn hier de dupe van. Het is dan ook niet verassend dat er creatieve oplossingen worden bedacht, zoals een bonus voor leerkrachten die willen werken in de randstad of het verlagen van het aantal lesuren. In Trouw van 18 september 2019 doet ontwikkelingspsycholoog Ewald Vervaet wel een heel opmerkelijk voorstel om het lerarentekort op te lossen: wachten met onderwijs tot het kind rijp is voor de leerstof. Wij juichen creatieve ideeën om het lerarentekort terug te dringen van harte toe, maar zijn van mening dat hierin geen concessies kunnen en mogen worden gedaan aan de kwaliteit van het onderwijs. Wij bespreken de belangrijkste onderdelen van het voorstel van Vervaet en laten zien dat dit voorstel geen duurzame oplossing is voor het lerarentekort.

Ewald Vervaet is een groot voorstander van onderwijs dat aansluit bij de psychologische ontwikkelingsfasen van kinderen. Volgens Vervaet zijn kinderen tussen de 4,5-5 jaar ‘rijp’ om naar school te gaan. Oplossing om het lerarentekort tegen te gaan? Kinderen niet vanaf 4 jaar, maar 4,5 of 5 jaar pas naar school laten gaan, aldus Vervaet. Naar ons idee een slecht plan. Het is namelijk volstrekt onduidelijk wat Vervaet precies bedoelt met ‘schoolrijpheid’ en welk bewijs hieraan ten grondslag ligt. Sterker nog, er is veel onderzoek dat erop wijst dat een vroege(re) start in het onderwijs bijdraagt aan de ontwikkeling van kinderen. Daarnaast is er in wetenschappelijke literatuur veel kritiek op het fasenmodel van ontwikkeling, gezien de grote variatie die er tussen kinderen bestaat.

Ten tweede stelt Vervaet dat het lerarentekort op de lange termijn kan worden opgelost door de pabo-opleiding te verbeteren. Volgens Vervaet moeten leerkrachten in opleiding vooral meer kennis opdoen over de psychologische ontwikkeling van kinderen. Naar ons idee moet die kennis dan wel verbonden worden met pedagogisch-didactische kennis. Leerkrachten in opleiding leren zo ontwikkeling van kinderen herkennen én bevorderen door bijvoorbeeld vragen te stellen om na te gaan wat leerlingen al weten en leerlingen de juiste ondersteuning te bieden bij moeilijke opdrachten.

Tot slot stelt Ewald Vervaet dat de werkdruk vermindert en het beroep van leerkracht aantrekkelijker wordt door later te beginnen met het aanbieden van lesstof, zoals voor lezen en schrijven. Ook voor deze suggestie geldt: op welk onderzoek is dit idee gestoeld? Wij wijzen Vervaet graag op het overtuigende bewijs dat juist zo vroeg mogelijk starten met het aanbieden van lezen en schrijven binnen betekenisvolle spelactiviteiten, de ontwikkeling van kinderen stimuleert. Dit is ook voor leerkrachten die dagelijks met kinderen werken zichtbaar. In hun spel hebben kinderen vaak al vanaf een jaar of 2 veel interesse voor ‘lezen’ (wat begint met het bekijken van boekjes en daar zelf een verhaal bij vertellen) en ‘schrijven’ (wat begint met krabbelen of aan de leerkracht vragen om iets bij een tekening te schrijven). Er zijn volop mogelijkheden voor leerkrachten om aan te sluiten bij het spel van kinderen en ze op die manier deelgenoot te maken van de geletterde wereld.

Wacht dus niet tot kinderen ‘schoolrijp’ zijn en stel leerstof niet uit, maar investeer in kwalitatief hoogwaardig onderwijs waarin alle kinderen de kans krijgen om samen met goed opgeleide leerkrachten verder te komen in hun ontwikkeling. Als leraren door goede opleidingen, ruimte en tijd dat mogen en kunnen doen, zullen veel professionals én jonge mensen kiezen voor het basisonderwijs. Dat is de beste en meest duurzame manier om het lerarentekort op te lossen.

Dr. Chiel van der Veen en dr. Marjolein Dobber zijn universitair docent onderwijspedagogiek aan de Vrije Universiteit Amsterdam

*Dit opiniestuk was in eerste instantie geaccepteerd voor publicatie in Trouw, maar de opinieredactie had net daarvoor de reactie van collega Bert van Oers al geaccepteerd. Lees zijn uitstekende reactie hier.

Het opiniestuk van Ewald Vervaet lees je hier.