Medewerkers LEARN! uitgelicht


NienkeNienke van Atteveldt (universitair docent) is gefascineerd is door de flexibiliteit van het brein en wil de kloof tussen hersenonderzoek en de praktijk overbruggen.
  
Het brein is mijn grote fascinatie, al sinds mijn studie biologie. Niet zozeer stofjes en cellen, maar juist hoe het brein als geheel werkt. En dan vooral de wisselwerking tussen wat er in ons brein zo geworden is door evolutionaire selectieprocessen, en de plasticiteit en flexibiliteit van het brein tijdens een mensenleven. In vorig onderzoek vonden we bijvoorbeeld dat spraak en schrift op een andere manier aan elkaar gekoppeld zijn in de hersenen van Nederlandse vs. Engelse lezers. Ons brein lijkt dus zo gevormd te zijn dat we zo’n onnatuurlijke taak als lezen (meestal) snel leren, maar wel nét op een andere manier afhankelijk van waar we leren lezen – en is dus zowel “voorgevormd” alsook plastisch. De sterke plasticiteit benadrukt ook individuele verschillen. Dit is relevant voor de onderwijspraktijk: aanbevelingen op basis van neuro-imaging onderzoek zijn meestal niet universeel, maar verschillen per land, cultuur en individu. Op dit gedachtegoed wil ik graag verder bij LEARN!.


Ilja CorneliszIlja Cornelisz (universitair docent) onderzoekt en evalueert de mogelijkheden tot het gebruik van data om effectief gepersonaliseerd onderwijs te ontwikkelen.
De roep tot meer personalisatie wordt in verschillende disciplines steeds sterker; zo ook in het onderwijs. Echter, uit het maatschappelijke debat en de wetenschappelijke literatuur blijkt dat achter de term personalisatie een verscheidenheid van betekenissen en doelstellingen schuilgaat. Daar komt bij dat er weinig bekend is over hoe onderwijs op effectieve wijze valt te personaliseren. In eerder onderzoek vonden we dat personalisatie in de vorm van data-gedreven adaptief oefenen niet eenduidig tot betere prestaties leidt. Ook blijkt dat leerlingen/studenten in verschillende mate gebaat zijn bij het al dan niet personaliseren van het leerproces. Zo is het evenmin duidelijk hoe personalisatie zich verhoudt tot het effectief voorbereiden op een summatieve toets. Een toekomst waarin onderwijs effectief en digitaal gepersonaliseerd kan worden kan betekenen dat toetsing overbodig wordt. Voordat het echter zover is dient er nog een hoop onderzoek gedaan te worden. Mijn visie is dat personalisatie alleen slaagt wanneer data in het onderwijs gebruikt wordt op een wijze die is ingegeven door gevalideerde theorieën en op basis van rigoureuze evaluaties in de onderwijspraktijk. Dit is dan ook het soort onderzoek dat ik verder wil ontwikkelen binnen LEARN!


Irene EegdemanIrene Eegdeman (promovendus) houdt zich bezig met de uitval van studenten in het mbo.

Het is erg belangrijk dat je met een diploma van school gaat om een goede toekomst tegemoet te gaan. Helaas is de uitval van studenten zonder een diploma in het mbo hoog en de vraag is hoe we dat terug kunnen dringen.Ik probeer, door te kijken naar verschillende studentkenmerken zoals persoonlijkheid en capaciteit, een beeld te krijgen van ‘de succesvolle student’ en ik zoek naar voorspellers van uitval.Daarnaast vraag ik studenten naar hun verwachtingen voor en na de opleiding. ‘De opleiding was toch niet wat ik had verwacht’ is vaak een reden om te stoppen met een opleiding, maar welke verwachtingen heeft iemand en hoe veranderen deze verwachtingen in de tijd?Ook de begeleiding van studenten speelt een grote rol tijdens een opleiding. Ik vraag me af of het groeperen van studenten met dezelfde begeleidingsstijl uitval terug kan dringen en of docenten ook daadwerkelijk iets met die begeleidingsstijl van een klas (kunnen) doen.


NikkiNikki Lee (postdoc) kijkt naar de unieke mogelijkheden van de adolescentie-fase
  
Ik vind de adolescentie een fascinerende fase in de ontwikkeling. Adolescenten zijn ontvankelijk voor sociale druk, gevoelig voor beloning en zoeken vaak naar spanning. Dit gedrag wordt meestal door ouders en docenten als negatief bestempeld. Toch heeft het ook voordelen: adolescenten staan meer open voor nieuwe ervaringen en zijn nieuwsgierig naar dingen die ze niet kennen. Je zou het dus ook kunnen zien als een positieve eigenschap die er voor kan zorgen dat adolescenten zich optimaal ontwikkelen. Ik vind het een uitdaging om in mijn onderzoek niet alleen te kijken naar de kwetsbaarheden van de adolescentie, maar om ook de unieke mogelijkheden van deze periode te erkennen.


GustaGusta Tavecchio (promovendus) werkt met het levensverhaal in lessenseries die sturen op studiesucces.

Centraal in mijn onderzoek staat de methode van de narratieve pedagogiek die is ingezet bij interventies gericht op het vergroten van studiesucces van eerste generatie studenten (in het bijzonder niet-westerse allochtone studenten). Studenten participeerden aan een summercourse die hen beter voorbereidde op hun studieloopbaan aan de universiteit. Doel was om de belemmeringen en barrières die eerste generatie studenten in grotere mate ervaren bij aanvang aan de studie te overstijgen. Gedurende het promotietraject richt ik mij op de theoretische grondslagen van een narratieve pedagogiek, het curriculum ontwerp van een toegepaste interventie als een summercourse, de ervaringen van de studenten die participeerden aan summercourses en de implementatie van diversiteitsbeleid in hoger onderwijs instellingen. De continue wisselwerking tussen theorie en praktijk biedt de mogelijkheid deze velden dichter bij elkaar te brengen en de leringen te implementeren in onderwijs innovaties op het gebied van identiteit, diversiteit en inclusiviteit.


Annedien PullenAnnedien Pullen (promovendus) kijkt naar hoe je goed kunt samenwerken. Goed kunnen samenwerken is een vaardigheid die jonge professionals nodig hebben op de arbeidsmarkt. Maar welke factoren zijn belangrijk voor een succesvolle samenwerking? Zijn studenten met een hogere potentiële excellentie minder gemotiveerd om samen te werken zoals vaak wordt aangenomen? En maakt de potentiële excellentie van een student uit voor zijn/haar gedrag tijdens het samenwerken? Dit zijn vragen die ik probeer te beantwoorden tijdens mijn promotieonderzoek. Het doel van mijn onderzoek is om meer inzicht te krijgen in de invloed van studentkenmerken (zoals potentiële excellentie en motivatie) en kenmerken van de leeromgeving op het gedrag van hbo studenten tijdens het samenwerken. Om dit in kaart te brengen neem ik onder andere vragenlijsten af en observeer ik groepen studenten tijdens het samenwerken.